Solidbricks Software Atelier
Door Solidbricks op 12 oktober 2026
Maatwerk kost veel geld. Dat is het beeld dat leeft en wie ooit in een traject zat dat ontspoorde, weet precies waarom. Toch klopt er iets niet aan dat beeld. Bij auto's, horloges en architectuur betalen we juist extra voor het werk van een meester. Patrick Adema is Strategic Development Director bij Solidbricks. In deze blog vertelt hij waarom software een vreemde eend in de bijt is, en wat een atelier anders doet dan een fabriek.
Wat een atelier anders doet dan een fabriek
Een fabriek bouwt voor het gemiddelde. Goed product, acceptabele prijs, en wie buiten dat gemiddelde valt past zich aan. Een atelier werkt de andere kant op: daar krijg je wat er maximaal haalbaar is voor jouw situatie.
Het verschil zit in kennis en kunde. Een atelier bouwt iets wat verder gaat dan de norm. Dat lukt alleen met mensen die jarenlang in een branche hebben gewerkt en daar echt vakman zijn geworden. In Duitsland kennen ze daar nog een woord voor: Meister. Bij ons is die term zo goed als verdwenen. Wat mij betreft halen we hem terug.
Wij noemen onszelf een softwareatelier. Dat is geen marketingterm, het gaat over de volgorde waarin we werken en over wat we in huis hebben. Dat betekent overigens niet dat we elke keer vanaf nul beginnen. Wij werken vanuit een bewezen basis.
De horlogemaker begint ook niet bij nul
Ik heb iets met klokken en horloges, dus vergeef me de vergelijking.
Meesterhorlogemakers als Daniel Roth en Christiaan van der Klaauw begonnen niet met een leeg werkblad. Ze namen een bestaand basisuurwerk, verbeterden dat en bouwden daar hun eigen module op. Bij Van der Klaauw werd dat een planetarium op je pols. Roth blies in de jaren negentig het merk Breguet nieuw leven in.
De meesters die ik bewonder wachtten trouwens niet op een opdracht. Denk aan Breguet, Tompion of John Harrison in de achttiende eeuw. Zij bouwden iets zo goed dat de klant erop stond te wachten. Dat gebeurt vandaag nog steeds, bij makers als Philippe Dufour, Roger Smith en Grönefeld, en daar worden bedragen voor betaald waar een gemiddeld softwareproject bij verbleekt.
Zo werkt het bij ons ook. Een goed financieel systeem is ons basisuurwerk en daar bouwen we onze vastgoedmodule op. Meestal is dat Visma.net, al sluit de module net zo goed aan op andere pakketten. De basis blijft standaard, het vakmanschap zit in wat erop komt.
Waarom betalen we daar bij software niet voor
Hier wringt iets. De absolute top in vakmanschap wordt overal hoog gewaardeerd: auto's, horloges, architectuur, kunst. Dat zijn assets. Op een veiling brengen ze geld op.
Bij software gebeurt het omgekeerde. Daar geldt vakwerk als een kostenpost en als een risico.
Het gevolg zie ik bij bedrijven waar iemand elke maand uren kwijt is aan een omweg die allang niemand meer opvalt. Niet omdat de standaard slecht is, maar omdat vragen om iets beters te duur leek.
Nu hoor ik de tegenwerping al: een horloge veroudert niet en software wel. Natuurlijk veroudert software. Frameworks lopen af, koppelingen verlopen, er komen nieuwe eisen bij. Het verschil zit in of iemand dat bijhoudt. Een horloge van Van der Klaauw is dertig jaar later nog te reviseren omdat elk onderdeel vervangbaar is en de maker heeft vastgelegd hoe het in elkaar zit. Bij maatwerk werkt het net zo. Zolang de standaard eronder wordt onderhouden en het maatwerk goed is gedocumenteerd, gaat het net zo lang mee.
Bovendien draait het bij software niet om veilingwaarde. Het draait om verdiencapaciteit. Een machine in een fabriek is na tien jaar ook minder waard en heeft zichzelf ondertussen tien keer terugverdiend. Dat is precies wat een asset doet.
Eigenwijs genoeg om te vragen waarom
Meesterschap betekent ook dat we niet klakkeloos bouwen wat er gevraagd wordt.
Regelmatig gaan we het gesprek aan over het waarom achter een maatwerkwens. Waarom wil je het zus? Wij hebben vanuit onze ervaring gekozen voor zo, en misschien past dat ook bij jullie. Uit dat gesprek komen vaak compromissen die beide kanten verder helpen.
Soms maken we iets schakelbaar. Dan is het geen maatwerk meer, maar een optie in de standaard die je aan of uit zet en waarvan je zelf bepaalt wanneer je hem gebruikt. Goed voor de klant, goed voor ons.
Het is niet voor niets dat wij onszelf partner noemen en geen leverancier.
Wie voorop loopt, betaalt niet alles
Daar hoort een principe bij dat we al jaren toepassen: primus inter pares, de eerste onder gelijken.
BPD en Dura Vermeer zijn bij ons de primus. Zij bepalen samen met ons de richting. Wat we voor hen bouwen, komt in de standaard terecht en kan daarna door andere klanten worden gebruikt. Vaak schakelbaar, zodat iedereen zelf kiest.
Een fabriek werkt precies andersom. Die bouwt voor het gemiddelde en wie daarbuiten valt, wacht op de volgende release. Bij ons begint het bij één klant en profiteert de rest daarvan. De klant die vooroploopt hoeft daardoor niet alles zelf te betalen, omdat de kosten verdeeld worden zodra het in de standaard landt. De workflow-engine die we voor BPD bouwden is daar een goed voorbeeld van.
Wat het rekensommetje zegt
Terug naar het geld, want daar begon dit verhaal.
Het probleem is dat een investering wordt gelezen als kosten. Wat maatwerk kost, is helder en zichtbaar. Wat het oplevert, is dat veel minder. Bovendien vergeten we graag twee dingen: een fout herstellen kost altijd meer tijd dan hem voorkomen, en een proces dat niet deugt vraagt extra controle van dure mensen.
Neem een traject van gemiddelde omvang: 125 uur tegen 160 euro, dus een investering van 20.000 euro. Daar staat per jaar tegenover:
- een team dat er samen vijf uur per week mee bespaart, tegen 50 euro per uur: 12.500 euro
- één fout per week minder, met gemiddeld twee uur oplostijd tegen 75 euro: 7.500 euro
- minder audit: 750 euro
Wij rekenen daarbij met vijftig werkbare weken per jaar. Bij elkaar komt dat op 20.750 euro per jaar. Je investering is er binnen een jaar uit. Tel je de foutcorrectie en de audit niet mee, dan doe je er twee jaar over.
Reken het eens na
Je hoeft mij niet te geloven, want dit kun je zelf uitrekenen. Hoeveel mensen werken dagelijks met je systeem en hoeveel tijd kost de omweg ze per dag? Hoe vaak gaat er iets mis en hoeveel tijd kost het om dat te herstellen? Vermenigvuldig dat met vijftig weken.
Zet die uitkomst naast wat het zou kosten om het proces wél te laten passen. Die tweede som kun je opvragen bij je leverancier.
Eerlijk is eerlijk: dit werkt het best bij organisaties met volume en met processen die er echt toe doen. We werken met de top voor de top, zoals dat in de Formule 1 gaat, en zorgen er via primus inter pares voor dat het daarna zo snel mogelijk in de standaard belandt. Zo profiteert iedereen ervan.
Weet je niet zeker of jouw proces echt afwijkt? Leg het eens aan ons voor. Wij zeggen het ook als de standaard volstaat.